Analyse van het document
Titel en samenvatting:
Het voorstel betreft de "Benoeming van mevrouw W. Postma als commissielid, niet zijnde raadslid". Het voorstel houdt in dat de gemeenteraad van Heiloo akkoord gaat met het verslag van de commissie van onderzoek naar de geloofsbrieven van mevrouw Postma, voorgedragen door de CDA-fractie, en haar benoemt als commissielid. De benoeming vindt plaats na een positief advies van de commissie geloofsbrieven, die de geloofsbrieven van de kandidaat heeft beoordeeld. Na benoeming legt mevrouw Postma de eed of belofte af om haar werkzaamheden te kunnen starten.
Volledigheid van het voorstel:
Het voorstel is volledig in de zin dat het de noodzakelijke stappen en procedures beschrijft voor de benoeming van een commissielid. Het bevat alle relevante informatie over de procedure en de rol van de commissie geloofsbrieven.
Rol van de raad:
De raad heeft de rol om het verslag van de commissie geloofsbrieven goed te keuren en de benoeming van mevrouw Postma als commissielid te bekrachtigen.
Politieke keuzes:
Er zijn weinig politieke keuzes te maken, aangezien het een procedurele benoeming betreft. De raad moet echter wel vertrouwen hebben in de beoordeling van de commissie geloofsbrieven.
SMART en inconsequenties:
Het voorstel is specifiek en tijdgebonden, maar mist meetbare en haalbare elementen, wat gebruikelijk is voor benoemingsprocedures. Er zijn geen duidelijke inconsequenties in het voorstel.
Besluit van de raad:
De raad moet besluiten om akkoord te gaan met het verslag van de commissie geloofsbrieven en de benoeming van mevrouw Postma als commissielid goed te keuren.
Participatie:
Het voorstel vermeldt geen participatie van burgers of andere belanghebbenden, wat passend is gezien de aard van het voorstel.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is geen relevant onderwerp in dit voorstel, aangezien het een benoemingsprocedure betreft.
Financiële gevolgen:
Het voorstel vermeldt geen financiële gevolgen, wat logisch is gezien de aard van de benoeming. Eventuele vergoedingen voor commissieleden worden doorgaans al in de gemeentelijke begroting opgenomen.